‘Ken jezelf’ is goed voor de liefde

Differentiatie voor je relatiesysteem

Ergens in de jeugd ontdekt een kind dat het anders is dan de ander. Ben ik dan dat waarin ik verschil? Of ben ik me bewust van mijn eigenheid? Differentiatie is dat laatste. En het blijkt een voorwaarde voor een stabiele relatie.

Door Divyam Kranenburg

Om een relatie een plek van heling te laten worden, vraagt dit van elke partner om aan het werk te gaan met zichzelf. Onze eigen emoties, behoeften en drijfveren zijn belangrijk om te leren kennen en om te dragen. Als we niet voor onszelf leren zorgen, kunnen we er ook niet voor de ander zijn. Als we niet de capaciteit hebben ontwikkeld om onszelf te dragen, hebben we vaak geen idee dat we in een staat van regressie zijn: het kind in ons is in actie, niet de volwassen man of vrouw.
De eerste stap naar heling en balans is onszelf te leren kennen en de confrontatie met de probleemgebieden in ons leven aan te gaan. Leren hoe we onszelf kunnen reguleren, onze hulpbronnen leren kennen en gebruiken. Zorgen voor ons eigen lichaam, behoeftes leren kennen en vervullen, ruimte nemen voor onszelf en meditatie zijn van wezenlijk belang. Dat is iets anders dan luisteren naar onze partner als deze zegt dat we nu eens op moet houden met werken of bier drinken.

Eigenheid Een aspect van groei is een duidelijk zelfgevoel, een gevoel van eigenheid. Dit is niet iets wat we met uiterlijk gedrag kunnen doen – het is een innerlijk gevoel van veiligheid en vertrouwen dat ontstaat als we onszelf kennen. Als we dit niet ervaren, hebben we een zwak of een ongedifferentieerd zelfgevoel.
We zijn dan uitermate afhankelijk van een relatie of vriendschappen, totaal gefocust op de ander en verslaafd aan liefde en aandacht, of juist het tegenovergestelde: niet in staat om intimiteit te ervaren, allergisch voor nabijheid en dus ontwijkend. Of we houden de controle over anderen, door afstandelijk gedrag of door emotionele manipulatie om te krijgen wat we nodig hebben.
Een flexibel zelfgevoel is solide en toch veerkrachtig en zorgt ervoor dat beide partners in een relatie zichzelf kunnen zijn, gerespecteerd en gewaardeerd door elkaar. Dit is waar differentiatie over gaat. Het is de mogelijkheid om ons zelfgevoel te behouden, ook als we dichtbij iemand zijn, vooral als die persoon heel belangrijk voor ons is. Het vraagt flexibiliteit, geven en nemen zodat we het oneens kunnen zijn zonder te hoeven vechten of afstand te moeten nemen. Iemand met een gezond zelfgevoel heeft weerstand, zelfwaardering en integriteit; die kan reflecteren, zichzelf geruststellen en reguleren. We hoeven dan geen gelijk te hebben of mensen te intimideren of te commanderen om onze zin te krijgen. We kunnen toestaan dat mensen zichzelf zijn en een eigen mening hebben, de differentiatie van de ander tolereren.

Grenzen Differentiatie houdt geen onverschilligheid in – het gaat over gezonde persoonlijke grenzen. Compassie zonder sentimentaliteit leidt tot saamhorigheid. De meeste stellen zijn allebei ongeveer op hetzelfde niveau van differentiatie, ook al lijkt dat vaak niet zo. Als we dit inzien, kunnen we ophouden de ander de schuld te geven van de problemen. Differentiatie is het meest liefdevolle om te leren, omdat het toestaat werkelijk lief te hebben. Het is de sleutel naar blijvende intimiteit en seksualiteit. Het geeft groei en dynamiek aan een huwelijk of relatie, terwijl het tegelijkertijd voedend is. En een relatie heeft groei en uitdagingen nodig. We hebben geen behoefte aan comfortabel vastzitten. Goed gedifferentieerde stellen kunnen elkaar en zichzelf tot rust brengen (coregulatie).
Kijkend naar de twee verschillende manieren van relateren (afhankelijk of  ontwijkend), zien we dat de afhankelijke op zoek is naar (extreem) samenzijn, terwijl de ontwijker zich hierdoor overspoeld voelt en de afstand juist wil vergroten. Als we niet weten hoe we met zo’n ongedifferentieerde situatie om moeten gaan, komen we terecht in een negatieve versmelting, waarbij we niet met de ander kunnen zijn, maar ook niet zonder. Een heel pijnlijke toestand met veel ruzie, jaloezie, wantrouwen, grensoverschrijding en over het algemeen een gebrek aan vertrouwen en rust.
Een stel functioneert het best als ze als een team functioneren om elkaar in tijden van stress te steunen en te helpen reguleren. Dit houdt de bereidheid in om in deze relatie te zijn en samen zorg te dragen dat de relatie prioriteit krijgt. Het ‘relatiesysteem’ wordt het belangrijkst. Als we begrijpen hoe differentiatie werkt, is het voor te stellen dat een relatie als een ‘tweepersoons systeem’ kan functioneren.

Versmelting Als we moeite hebben met commitment, is het ‘tweepersoonssysteem’ natuurlijk een uitdaging. Echter, die moeite is een reactie op de ongezonde versmelting uit het verleden, niet het gezonde samengaan van twee autonome personen. Als we dat verschil kunnen maken, kan de relatie een ‘tweepersoons systeem’ worden, gebaseerd op wederzijdsheid. We kunnen met onze eigen ontwikkeling doorgaan, terwijl we tegelijkertijd begaan zijn met het geluk en welzijn van onze partner. Als we een hoog niveau van differentiatie hebben bereikt, kijken we heel anders aan tegen conflicten in de relatie.
Het betekent dat het ‘tweepersoons systeem’ belangrijker is dan twee keer een ‘eenpersoons systeem’. Het welzijn van beiden is even belangrijk. Geen van beiden hoeft zijn eigen behoeftes op te geven voor de ander. Meestal zijn we erg gevoelig voor elkaar, we weten precies hoe we de ander kunnen raken of aanvallen, maar dus ook hoe we kunnen helen en repareren. Jammer genoeg kiezen we er vaak voor vast te houden aan grieven, irritatie en gekwetstheid. Het vraagt veel om dit op te geven en het los te laten, kwetsbaar te zijn in plaats van in de gekwetstheid te blijven, om de gekrenkte gevoelens te herstellen. Leren loslaten dat we gelijk hebben, of moeten krijgen is heel lastig!

Ontwijker Iemand met een ontwijkende manier van relateren heeft geheel verschillende overtuigingen dan iemand met een afhankelijke hechtingsstructuur. De ontwijker is erg verwarrend voor de meer interactieve partner. Als afhankelijke kunnen we niet begrijpen hoe het mogelijk is dat de ontwijkende partner ons zo snel kan vergeten, uit contact kan gaan terwijl we het moment daarvoor nog zo intens met elkaar samen waren.
De ontwijker kan dissociëren, kan van een ‘tweepersoons systeem’ naar een ‘eenpersoonssysteem’ bewegen zonder zich de impact die dat heeft op de partner, te realiseren. De afhankelijke voelt zich dan vaak niet serieus genomen of geprovoceerd. Vaak reageert deze dan met boosheid, en de cirkel van reactiviteit begint. Als ontwijker zijn we zo gewend om ons terug te trekken om tot rust te komen en we zien niets verkeerds in wat we doen, we voelen ons zelfs oneerlijk aangevallen. Het is een voorbeeld van hoe hechtingspatronen opkomen en zich manifesteren. We kunnen leren hoe hiermee om te gaan. Vaak is een derde nodig om te helpen helderheid te scheppen, wegen te vinden om elkaar te zien en bewustzijn te krijgen hoe we met onze acties de wonden van de ander activeren. We kunnen dan ontdekken dat we ons niet realiseerden dat we de angst van de ander triggerden, zodat we ons niet meer beschuldigd en onrespectvol behandeld hoeven te voelen, omdat onze stijl van regulatie aangevallen wordt. Want, ook al voelt dit gedrag heel natuurlijk, het is ook nodig om rekening te leren houden met de ander.

Afhankelijke Hetzelfde geldt voor de afhankelijke, het is noodzakelijk om te leren minder aan te vallen, meer begrip te hebben en wegen te vinden om voor onszelf te zorgen. Deze mensen worden altijd heen en weer geslingerd tussen de hoop liefde en aandacht te krijgen en hopeloosheid, depressie, als het weer niet komt. Vaak verbergen we de behoefte aan regulatie, onder het mom van het willen van contact. We denken dat we niet zonder de ander kunnen leven, dat alleen echte liefde ons gelukkig zal maken, we voelen ons daar hulpeloos in. Ook al zoeken we nabijheid, we zijn er ook bang voor, we kunnen immers zomaar weer in de steek gelaten worden. Als de liefde die we zoeken er toch blijkt te zijn, is het moeilijk om deze werkelijk in te nemen. De pijn heeft te maken met de onbereikbare of niet-aanwezige ouder vroeger, maar als er nu wel iemand is, kunnen we het niet vertrouwen.
Een ‘tweepersoons systeem’ is nodig om pijnreacties te helen die opkomen vanuit vroege hechtingswonden. Als we een veilige omgeving kunnen scheppen waarin heling mogelijk is, kunnen we samen in een gezond en veilig hechtingspatroon komen. Als we zicht hebben op onze emotionele geschiedenis kunnen we in ieder geval onszelf begrijpen, communiceren over onze gevoelens en waar die vandaan komen. We kunnen de ander vertellen wat er werkelijk gaande is binnenin ons, waardoor deze zijn bescherming kan laten vallen en we samen kunnen werken aan herstel en verdieping en nieuwe wegen kunnen vinden om veiligheid en groei voor elkaar te realiseren.
Het gaat er niet om dat we altijd totaal aanwezig moeten zijn voor elkaar, dat is onmogelijk. Het gaat er ook niet om dat we geen fouten mogen maken, maar om er op te gaan vertrouwen dat er iets te herstellen is. Ouders mogen fouten maken in hun (re)acties naar hun kind, maar kunnen daar later op terugkomen en ze herstellen. In een relatie kunnen we fouten maken in onze (re)acties naar onze partner, maar we kunnen erop terugkomen en ze herstellen. Zo bouwen we vertrouwen op, in onszelf en in elkaar.

Divyam Kranenburg is co-auteur van ‘De weg uit trauma kun je leren’ dat ze met Omkar Dingjan schreef, evenals het boek ‘Je eigen wijze weg’.
Deze boeken zijn te bestellen via www.kd.nl. Meer info over Divyam: www.aumm.nl en op facebook ‘Aumminstituut’.

Print deze pagina

Over de auteur

Bovenstaand artikel is geplaatst door de redactie van Koorddanser. Wil je de auteur van dit artikel een bericht sturen, mail dan naar redactie@kd.nl.

Laat een bericht achter

Je moet ingelogd zijn om een bericht te plaatsen.

Powered by Ambrix