Het knuffelseizoen is geopend

Liefde, dat is waar het écht om gaat

‘Hoe gaat het met je?’
‘Oh, goed hoor…’
Ons meest ingeburgerde begroetingsritueel is niet bedoeld om werkelijk contact te maken. Welnee. Het betekent zoiets als: speel jij je rol in de Matrix nog wel, mijn beste? Geen afwijkingen van het script? Mooi zo! Vertel vooral niet hoe je je werkelijk voelt en veins de schone schijn van uiterlijk geluk.

Laten we het ritueel eens wat nader beschouwen. Als we dichter bij elkaar in de buurt komen, fysiek gezien, dan is huidcontact niet meer te vermijden. De meest geëigende vorm daartoe is natuurlijk de handdruk. Formeel, stevig, veilig, vertrouwd en toch afstandelijk genoeg om geen inbreuk te maken op de gevoelswereld. Stel je toch eens voor! Wat hebben we nog meer voor begroetingen? De Businessman: handdruk met vertrouwd kneepje van de linkerhand om de pols of op de schouder en quasi geïnteresseerde blik. ‘Hoe is het met jou, joh? Of als er al meer amicaal contact is, de Chiropractor, waarbij de joviale begroeter je in de armen sluit en en passant even kraakt. Of natuurlijk de Hollywood, waarbij je je breedste ‘gemeende’ grijns op je gezicht tovert en ‘haiiiiiiiiiii, wat zie je er goed uit’ liegt. Meer spirituele tiepjes bedienen zich van de Aurareader en vertellen wat ze allemaal in je chakra’s lezen. Dan hebben we natuurlijk nog de begroeting die het goed doet in de scène van bijna ontwaakte zielen: de hug. Deze begroetingsvorm lijkt misschien intiem, maar is dat vaak helemaal niet. Meestal lopen de begroeters op elkaar af zonder eerst oogcontact te maken, een vereiste voor werkelijke intimiteit. Armen om elkaar heen, tap, tap, tap op de schouders en klaar is Kees.

Armoede
We leven massaal onder de armoedegrens. Contactarmoede, welteverstaan. Die armoede is overerfelijk. Als jij als kindje niet de strelingen en liefkozingen hebt gehad die je nodig had, word je er misschien zelfs allergisch voor en groei je vervolgens op als een volwassene die werkelijk contact uit de weg gaat. Terwijl je diep van binnen ernaar snakt om intiem te zijn met anderen. Ieder mens heeft die behoefte. De meesten weten het alleen niet (meer). Ze vermijden intiem contact liever, dan dat ze het risico nemen om gekwetst te worden. Als je te weinig liefkozingen hebt gehad in je kindertijd, zal intimiteit ongemakkelijk aanvoelen, en verbonden zijn aan pijnlijke gevoelens en schaamte. Gevoelens die tegen elke prijs vermeden dienen te worden. Liever houden we de schijn op van een rijk, gezond en succesvol leven. Hoe gaat het? Uitstekend! Die contactarmoede wordt zo van ouder op kind doorgegeven, generaties lang. Doordat je niet weet wat je mist of waar je naar verlangt, kun je gerust een levenlang dolende blijven en op zoek naar substituut in de vorm van aandacht, aanzien, macht, geld, eten, alcohol, snoep, drugs, dure spullen, seks of andere genotsmiddelen. Voor heel even is de diepe knagende behoefte misschien vervuld, tot de eeuwig durende innerlijke honger weer toeslaat. Deze honger is niet te stillen. Althans, niet met substituten. Er is maar één werkelijk medicijn: liefde.
Gesteld dat bovenstaande waar zou zijn, dan is de hamvraag natuurlijk: kan ik mijn negatief intimiteitssaldo ooit aanvullen? Voordat we met die vraag doorgaan, kunnen we beter eerst het waarheidsgehalte onderzoeken, iets dat je alleen voor jezelf kan doen. Hoe is het met jouw behoefte aan intimiteit gesteld? Hoe voelt het als iemand je aankijkt, of aanraakt? Mogen mensen dichtbij je komen? Hoe voelt je huid als iemand je streelt? Of als iemand je langer dan drie seconden aankijkt of vasthoudt? Met dit zelfonderzoek kom je er al gauw achter hoe je ervoor staat. Hoe was het bij jou vroeger thuis, werd je liefdevol aangeraakt? Sommigen hebben hier te weinig in gekregen, zijn emotioneel verwaarloosd. Anderen hebben juist weer verkeerde aandacht gekregen, in het geval van incest of geweld.

Behoeften en grenzen
Waar het bij contact om draait is: wat is goed voor jou? Hoe voelt het contact fijn voor jou? Wil je iemand dichtbij laten komen, of is wat afstand juist beter? Contact begint dus bij jezelf, bij jouw eigen behoefte, en hoe je hebt geleerd die behoefte te uiten en te bevredigen. Alleen als je je eigen behoefte kent, en weet wanneer iets fijn is en wanneer niet, kun je de ander jouw behoefte duidelijk maken en je gezonde grenzen aangeven. Dan begint het spannende spel van contact maken, van uitzoeken hoe je je tot de ander verhoudt. Wanneer die verhouding klopt en beide partners voelen aan wat de ander en hij/zijzelf fijn vindt, ontstaat er een basis van intimiteit en liefdevol contact. Beiden zijn dan in feedback met elkaar, afgestemd op elkaars behoeften en grenzen. Dát is het soort liefde dat het negatieve banksaldo aan kan vullen en je uit de rode gevoelscijfers kan helpen. Kan ik dat bewijzen? Nee! Kun je het ervaren? Jazeker! Je kunt het voelen, wanneer iedere cel in je lichaam zich ontspant en tot leven komt. Wanneer je magnetisch naar de ander toe wordt getrokken en je huid hunkert naar contact en aanraking. Als dat gebeurt, weet je dat je gevoed wordt met liefde.
Echte intimiteit kun je voelen en ervaren in je hart: als het goed is kun je voelen dat het opengaat. Misschien gaat het zelfs wel gloeien. Dan wéét je dat je trouw bent aan jezelf, aan je gevoelens en behoeften en dat je helemaal afgestemd bent op jezelf én de ander. Het zou mooi zijn als deze vorm van intimiteit ook ten grondslag ligt aan je seksualiteit, maar dat is niet nodig om je ware behoeften te bevredigen: deze vorm van intimiteit kun je met iedereen beleven.
Laten we eens kijken wat de wetenschap over het fenomeen intimiteit te zeggen heeft. De theorie zegt dat het de neurotransmitter en hormoon oxytocine is die verantwoordelijk is voor onze beleving van liefde. Zonder dit hormoon zou je niet verliefd kunnen worden. En hoe zorgen we ervoor dat het hormoon toeneemt in ons systeem? Door elkaar aan te raken! Sterker nog, als je dit hormoon van buitenaf toedient gebeurt er niets: het wordt direct door het lichaam afgebroken. Een heilige bescherming van onze schepper wellicht, om ervoor te zorgen dat liefde niet uit een potje kan komen…
Oxytocine wordt ook wel het ‘knuffelhormoon’ genoemd. Het verklaart waarom we ons zo heerlijk voelen, de eerste jaren van een intieme relatie (in sommige relaties een leven lang!) We raken elkaar volop aan, en stimuleren de toename van het liefdeshormoon. Volgens de statistieken leven getrouwde mensen dan ook langer. Hoe het precies werkt is voor de wetenschap nog niet duidelijk, maar het lijkt erop dat oxytocine de effecten van stress – de basis van de meeste welvaartsziektes – ongedaan maakt. Wetenschappelijk is aangetoond dat oxytocine hunkeringen naar verslavende stoffen opheft, dat het kalmeert, seksuele ontvankelijkheid stimuleert, impotentie opheft, stress reduceert en depressie vermindert. In mijn woorden: liefde als universeel panacee.

Ontmoeting
Nu we onze fake begroetingen een voor een hebben ontmanteld en hebben gezien hoe belangrijk liefde en intimiteit is voor onze gezondheid en welbevinden, rest natuurlijk nog één vraag: hoe groeten wij elkaar op een voor beide partijen voedende manier? Een voedende liefdevolle ontmoeting werkt als volgt: allereerst maak je contact met je hart, met je eigen gevoelens. Vanuit je eigen gevoelscentrum maak je contact met de ander, allereerst met je ogen. Vervolgens hou je elkaars handen vast. Niemand leidt, niemand volgt. Laat ze eenvoudig bij elkaar rusten, doe er niets mee. Handen en ogen zijn beide verlengstukken van het hart. Je voelt hoe het contact is, je blijft bij jezelf en ontmoet de ander met je ogen, in jouw gevoelswereld. Ontmantel jezelf, laat je oordelen over de ander los en kijk en voel alleen. Met zachte, tedere ogen ontvang je de ander en zie je jezelf weerspiegeld. Zodra jij jezelf ontwapent, kan de ander ook smelten. Wanneer jullie beiden smelten, komt de stroom van liefde op gang. Het kan dan zomaar zijn dat de ontmoeting verder gaat, dat jullie handen openen en het eindigt in een hug, waarbij de lichamen versmelten. Zo´n ontmoeting komt diep binnen en heelt wat ooit beschadigd raakte onder tekort aan aandacht. Het mooie aan liefde is: hoe meer je ervan geeft, hoe meer je krijgt. Open je hart en volg het, luister naar jouw grenzen en voed jezelf met de nectar waar dit universum om draait. Het knuffelseizoen is geopend!

Print deze pagina

Over de auteur

Lars Faber is auteur van boeken als De Gewijde Reis, De Heldenreis en Matrix Guerrilla. Zijn nieuwe boek ‘Leef groots. NU’ is onlangs uitgekomen. Lars geeft trainingen in bewustzijnsontwikkeling en begeleidt ayahuascaceremonies en -retraites. Meer: www.degewijdereis.nl.

Laat een bericht achter

Je moet ingelogd zijn om een bericht te plaatsen.

Powered by Ambrix