8 typische therapeuten: herken je deze?

Rode Vlag therapeuten.

In spiritueel new age land is het aanbod zo groot dat je soms door de bomen het bos niet ziet. Van veel mensen krijg ik dan ook de vraag: ‘Hoe kies ik een goede alternatieve therapeut? Hoe vind ik iemand die weet wat hij doet en die ik kan vertrouwen?’

 

Door Sanne Burger

 

Best raar eigenlijk, dat de meeste beroepen die over de ziel gaan vrije beroepen zijn, terwijl de beroepen die over het lichaam gaan allemaal onderhevig zijn aan strenge voorwaarden en opleidingseisen. Nu mag je als alternatief genezer niet beweren dat je kanker kunt genezen, maar dat is vermoedelijk niet zozeer ter bescherming van het welzijn of de gezondheid van het individu als wel ter bescherming van de miljoenenbusiness die ‘kankerbestrijding’ heet. Maar dat is een ander onderwerp.

Deze vrijheid binnen de new age sector heeft voor- en nadelen. Het voordeel is dat er een natuurlijke selectie ontstaat, waardoor de meeste kwakzalvers vrij snel door de mand vallen. Het nadeel is dat in de tussentijd schade aangericht kan worden. De zoeker naar genezing en bevrijding is kwetsbaar en gretig. Hij gelooft maar al te graag de beloftes, waarbij het gebrek aan geloofwaardigheid en realisme hoopvol over het hoofd worden gezien, in ieder geval tot het tegendeel bewezen is. Soms is dat na een enkele sessie, soms is dat na jarenlang zwoegen en duizenden euro’s – een bittere pil. Het is gemakkelijker om te weten welke therapeut níet deugt dan om te weten welke therapeut wél deugt. In antwoord op bovenstaande vraag geef ik meestal dit lijstje van acht ‘Rode Vlag Therapeuten’. Als je weet waar je op moet letten is het een stuk eenvoudiger om de juiste keuze te maken.

 

1. De Huilebalk. Gebruikt zinnen als: ‘Nee toch?’, ‘Wat vreselijk’ en ‘Ik zou je wel mee naar huis willen nemen’. Luistert met tranen in de ogen naar je verhaal, geeft je het gevoel dat je een vreselijk leven hebt gehad en het een wonder is dat je daar nog zit. Vergeet jou een zakdoekje te geven maar gebruikt er zelf tien. Is verslaafd aan emotioneel drama. Het leven is een soap. Is veel te familiair, laat de sessie altijd uitlopen, omhelst je te lang en te hard, op de meest vreemde momenten. Noemt je niet bij naam maar gebruikt koosnaampjes als: ‘Schat’ en: ‘Lieverd’. Heeft een ziekelijke vorm van empathie, mist relativeringsvermogen en gezonde grenzen.

 

2. De Navelstaarder. Betrekt alles op zichzelf. Heeft eindeloos gestudeerd maar er niets van opgestoken. Alles wat je zegt of doet wordt onmiddellijk in de context van zijn of haar eigen leven geplaatst. Gebruikt zinnen als: ‘Oh mijn God, dat heb ik net zo’, ‘Ik weet precies waar je het over hebt’ of ‘Bij mij was het toch anders.’ Is verslaafd aan zijn persoonlijke verhaal en praat liever over zijn eigen problemen dan over die van jou. Maakt dat je je schuldig voelt over je eigen hulpvraag tijdens de sessie en onbevredigd voelt na de sessie. Heeft zelf therapie nodig, maar ontkent dat en gebruikt jou voor zijn eigen proces. Mist empathie en zelfinzicht.

 

3. De Opschepper. Lijkt enigszins op de Navelstaarder in de zin dat hij het liefst over zichzelf praat, maar dan in de context van zijn succes en hoe goed hij is. Grijpt iedere gelegenheid aan om het te hebben over zijn beroemde leraren en wonderbaarlijke genezingen. Verwijst graag naar jaartallen en episodes. ‘In 2010 genas ik een ernstig zieke vrouw met…’, ‘Mijn leraar heeft duizenden volgelingen over de hele wereld, maar wij tutoyeren elkaar’. Of: ‘De meeste therapeuten durven dit niet aan, maar ik wel.’ Stelt ongevraagd dat dit de enige juiste methode is. Heeft al zijn diploma’s aan de muur hangen. Wilde eigenlijk dokter worden omdat zijn ouders dat zo graag wilden en compenseert nu zijn minderwaardigheidscomplex. Draagt in het ergste geval een witte jas en een gouden pen in zijn borstzak. Is verslaafd aan erkenning. Mist bescheidenheid en zelfvertrouwen.

 

4. De Generaal. Weet alles beter. Onberispelijke praktijk en uiterlijk. Gebruikt antibacteriële gel. Luistert slecht, praat hard, is ongeduldig en begint iedere tweede zin met: ‘ Dan moet je…’ Is veel te oplossingsgericht en geeft je het gevoel tekort te schieten omdat zijn methode onhaalbaar is: twee uur per dag mediteren, koud douchen, drie uur per dag yoga, hardlopen of stilzitten, dagelijkse therapiesessies, spartaans dieet, etc. Zegt dingen als: ‘Gewoon doen’, ‘Doorzetten’, ‘Alles is mogelijk als je het maar genoeg wilt’ en: ‘Je creëert het allemaal zelf’. Is verslaafd aan controle en mist flexibiliteit en menselijkheid.

 

5. De Fantast. Zegt dingen als: ‘Ik krijg door’, ‘Mijn engelen zeggen’, ‘Dit moet zo zijn’ en ‘De kosmos deelt haar mysteries’, maar weet in werkelijkheid nauwelijks waar hij/zij het over heeft. Ziet in tal van gebeurtenissen een teken. ‘Oh, de kast kraakt! De huisgeest is het ermee eens.’ Heeft meestal geen opleiding, maar voelt zich uitverkoren en dat moet genoeg zijn. Spreekt in metaforen, maakt vreemde bewegingen, glimlacht voortdurend en is zo vaag dat je je verward en onzeker gaat voelen. Als je zegt dat je het niet snapt, zegt de Fantast: ‘Dat geeft niet hoor, zo ver ben je nog niet.’ Is verslaafd aan escapisme en extase. Mist realiteitszin en professionaliteit.

 

6. De Opportunist. Is uit op geld verdienen. Gladjakker die misbruik maakt van de kwetsbaarheid, naïviteit en goedgelovigheid van de zoeker. Belooft snelle resultaten, ziet er goed uit, heeft glossy folders en dito website. Zegt dingen als: ‘Komt voor elkaar’, ‘Geen probleem’, ‘Jazeker’ en: ‘Dat doen we even.’ Heeft altijd haast, wil dat je vooruit betaalt, verkoopt allerlei extra’s (poeders en pillen, amuletten, boeken) en probeert je te overtuigen dat je meer moet uitgeven om beter te worden. ‘Je moet er wat voor over hebben.’ Geeft je voortdurend het gevoel dat je niet genoeg doet, raffelt de sessie af en boekt zoveel mogelijk mensen op een dag. Kijkt voortdurend op zijn horloge. Is verslaafd aan geld en mist respect en integriteit.

 

7. De Jager. Gebruikt manipulatieve zinnetjes als: ‘Jij bent heel bijzonder’, ‘Ik heb nog nooit zo’n cliënt gehad als jij’ en ‘Voel je de chemie?’ Intens oogcontact. Is charismatisch en goed in wat hij doet. Is uit op zieltjes winnen om zijn (of haar) ego te versterken en heeft geen probleem met seks met de eigen  cliënten – integendeel, die vormen zijn trofee. Geeft je het dubbele gevoel speciaal te zijn maar ook dat je daar wellicht iets voor terug moet doen, anders ben je bekrompen en preuts. Heeft geen scrupules wat betreft het schade aanrichten bij cliënten en zal altijd zeggen dat het aan jou ligt. Maakt volop misbruik van de eigen macht en jouw kwetsbaarheid. Is verslaafd aan seks en macht. Mist verantwoordelijkheidsgevoel en fatsoen.

 

8. De Veteraan. Valt in slaap tijdens de sessie. Doet dit werk al zolang dat hij/zij niet meer weet waarom. Laat je wachten, vergeet je naam, vergeet wat je klacht is en waar jullie het de vorige keer over hadden. Stoffig kantoor. Ruikt zelf meestal ook vrij muf. Draagt altijd dezelfde kleren. Beleefd en afstandelijk, gaapt als je je verhaal doet. Geeft je het gevoel dat je er niet toe doet. Mompelt veel, rommelt in papieren, maakt langdurig notities en zegt dingen als: ‘ Dat is heel normaal’, ‘Dit komt veel voor’, ‘Mmm’ en: ‘Tsja.’ Maakt zo weinig mogelijk oogcontact, breekt de sessie af zo gauw het tijd is en bonjourt je zo snel mogelijk de deur uit. Is verslaafd aan routine en zekerheid. Wacht op zijn pensioen. Mist betrokkenheid en passie.

 

Kortom, een goede therapeut is betrokken en gepassioneerd, neemt verantwoordelijkheid, is respectvol en integer, heeft een goede dosis realiteitszin, zelfkennis, relativeringsvermogen en menselijkheid, is professioneel en bescheiden, flexibel en empathisch en bewaakt zowel jouw als zijn eigen grenzen.

 

 

 

 

 

 

Print deze pagina

Over de auteur

Bovenstaand artikel is geplaatst door de redactie van Koorddanser. Wil je de auteur van dit artikel een bericht sturen, mail dan naar redactie@kd.nl.

Laat een bericht achter

Je moet ingelogd zijn om een bericht te plaatsen.

Powered by Ambrix