‘Of advaita ook maar een gedachte is zullen we nooit weten’

In gesprek met non-dualiteitleraar, schrijver en cabaretier Paul Smit. Als alles een illusie is, waarom doet hij dan van alles? En hoe komt het toch dat het gedachtegoed van advaita met name onder 40-plussers populair is? Verslag van een gesprek, dat volgens hem nooit plaatshad: “Jij en ik en dit gesprek? Ze bestaan niet.”

 

Paul Smit is de jonge, energieke leraar in non-dualiteit, cabaretier en drijvende kracht achter het multimediaproject Alles over niets. Samen met zijn partner in crime dj Patrick Kicken lanceerde hij de informatieve site a-dvaita.nl.

Om advaita of non-dualiteit een hype te noemen gaat Paul wat ver. Feit is wel dat de aandacht ervoor groeiende is. Werd zijn site zeven jaar geleden nog door enkele tientallen mensen per dag bezocht, nu zijn dat er zo’n duizend. Paul Smit (38) weet wel hoe dat komt: “Laatst kreeg ik nieuwe cijfers onder ogen waaruit bleek dat een schrikbarend groot deel van de Nederlandse bevolking psychische problemen heeft. Dat is wat de ratrace met ons doet. Logisch dat mensen een uitvlucht proberen te vinden en daarbij hun heil zoeken in allerhande ontspanningstechnieken zoals mindfulness, yoga en meditatie. Daar waar men vroeger na een lange spirituele zoektocht soms uitkwam bij advaita, gebeurt dat nu, voornamelijk vanwege het internet, veel sneller en vaker. Maar goed, we moeten het ook niet overdrijven: uiteindelijk wordt advaita in Nederland maar door een handvol mensen echt omarmd. Voor het ego is de boodschap die non-dualiteit met zich meebrengt nu eenmaal geen plezierige.”

 

Is er een wildgroei aan mensen die op een kussen zitten en satsangs geven?

Paul: “Als advaita je raakt, kan dat zo’n vreugde geven dat de drang om het te delen onweerstaanbaar wordt. Je bent verliefd op de zienswijze en voor een groep gaan staan lijkt een logische stap. Maar wanneer het inzicht nog niet volledig geïntegreerd is, loop je onherroepelijk vast. Of dat erg is? Ach, het dient zich aan en is dus oké. Het kan hoogstens een leermomentje voor jou en je eventuele leerlingen zijn. Ik zeg: kijk niet naar mij maar naar wat ik zeg. En: geloof er niets van.”

 

Waarom zeg je dat?

“Anders dreigt het gevaar dat leraar of lering tot dogma vervallen. Kijk, ik leef tegenwoordig samen met Lisa Cairns, de advaitalerares uit Engeland. Zet een dag een camera op ons en je weet: ook wij zijn mensen van vlees en bloed. We hebben onze kibbelmomentjes, kleine ergernissen en persoonlijke eigenaardigheden. Momenteel werk ik met vrienden aan een boek waarin we afrekenen met het idee dat er spiritueel verlichte mensen zijn die de hele dag in een soort bliss rondlopen. Natuurlijk is mijn leven lichter geworden sinds ik de illusie van het zelf doorzie. Maar dat wil niet zeggen dat tegenslagen uit- en emoties wegblijven. Daarvoor ben ik mens.”

 

Je leverde alweer een boek af. Waar haal je de drive vandaan?

Ik ben domweg zo geprogrammeerd. Ik drijf op de dopamine die vrijkomt als ik creatief bezig ben. Als ik nieuwe ideeën of concepten bedenk en deze, al dan niet samen met gelijkgestemden, in de markt zet. Indien ik daarmee anderen op het pad van advaita breng, is dat wat er gebeurt. Maar zendingsdrang ken ik niet. Ik hoef geen mensen te bekeren. Wat zij doen en laten, ligt niet in mijn handen. Daar heb ik nul invloed op. Dat is het leven in beweging.”

 

Je vertelde me ooit dat je geniet van het applaus. Als het inzicht van het illusoire zelf echt zo geïntegreerd is in jouw systeem, waarom dan geen onverschilligheid naar de mensen in de zaal en hun reacties?

“Dit is een groot misverstand. Het tegenovergestelde is namelijk het geval. Als je het leven ziet als een toneelstuk waarin jij als vanzelf de perfecte rol speelt, dan kun je rustig achterover leunen. Ontspannen kijkend naar datgene wat zich voor je ogen ontvouwt. De ervaring van het leven wordt puurder. Gaat het een keer mis, dan gaat het een keer mis. Het verdriet en de pijn die in dat geval misschien opkomen, zouden zelfs je waardering kunnen wegdragen. Je gehechtheid of identificatie ermee vervalt per slot van rekening. Je doet er geen schepje bovenop, neemt het niet persoonlijk en verzet je niet tegen dat wat is. Het is simpelweg genieten van wat er verschijnt, zonder het idee dat jij degene bent die de gedachte denkt of de handeling verricht. Laten we wel wezen: alles wat ik doe, heb ik niet van tevoren gepland of bedacht. Mijn carrière gebeurt gewoon.”

 

In alle gevallen?

“Ja. Mijn moeder is als ambulancemedewerker doodgereden op de snelweg. De dader kreeg celstraf. Verdriet was er natuurlijk volop. Maar door dat verdriet heen was er eveneens het besef dat het zo moest zijn. Alles gaat immers zoals het gaat en in die zin bestaat schuld niet. Die jongen kon niet anders, speelde zíjn perfecte rol.”

 

Ik kan me voorstellen dat een liefdesrelatie eveneens ideale testmogelijkheden biedt.

“Nou en of! Als iemand je na aan het hart ligt, dan is die persoon het ideale middel om bij jou oude pijntjes aan te prikken. Vooral in het begin van mijn relatie met Lisa gebeurde dat, wederzijds overigens. Wij beiden leefden al jaren in een soort uitgezoomde modus. En heel subtiel, je hebt het echt niet door, komt er dan ergens in je systeem een stukje superioriteit op. Maar het leven grijpt je vervolgens bij de strot en ramt ook dit laatste stukje arrogantie er genadeloos uit. Het maakt je nederig en zorgt ervoor dat je je overgeeft aan het leven zelf. Als er nu onenigheid is, kijken we samen naar het proces. Wat deden de poppetjes Paul en Lisa? De kramp verdwijnt, omdat we weten: we konden niet anders.”

 

We kunnen niet anders… Hét argument voor ga-je-gang-maar!

“Er zijn allerlei manieren waarop advaita door het ego gekaapt kan worden. Zoiets noemen we de advaita-shuffle. Mensen die daaraan lijden, hebben de neiging om psychische problematiek eenvoudigweg te ontkennen. Onder het mom dat alles ‘toch maar’ een illusie is, wordt het eigen gedrag vergoelijkt. Maar andersom werkt het óók. Stel dat iemand bij de bakker voordringt. Je zou, terecht, kunnen denken dat deze persoon daar niets aan kan doen. Om vervolgens stilzwijgend je beurt voorbij te laten gaan. Maar tegelijkertijd gebeur jij ook gewoon. En dus is er niks mis mee om de voordringer op zijn of haar gedrag te wijzen. Advaita vraagt ons niet om onszelf uit het leven weg te redeneren.”

 

Hoe voorkom je dat je in dergelijke valkuilen trapt?

“Dat voorkom je niet. Tijdens het proces van ontwaken vindt een ontkrampingsproces van het ego plaats. Omdat het een geleidelijk gebeuren is, trekt het ego hier en daar nog aan de touwtjes. En dus komt er een gevoel van ‘het beter weten’ in ons op en vangen we elkaar vliegen af op allerlei internetfora. Of gebruiken we advaita als copingstrategie om pijn te verzachten en te bagatelliseren. Dat laatste werkt. Althans voor even. Net zoals het eten van een reep chocolade of het kopen van een mooie jurk je tijdelijk beter laat voelen. Hoe je door deze fase heen komt? Er is geen doener, dus dat regelt het leven zelf. Op het moment dat het non-duale inzicht gezien wordt, gaat de voet van het gaspedaal. Maar de auto heeft nog even wat tijd nodig om uit te rijden voordat deze tot stilstand komt.”

 

Bevrijding ontstaat door inzicht in plaats van inzet, zeg je. Toch zijn er binnen advaita stromingen die het doen van allerhande oefeningen propageren…

“Beide kan: van hoofd naar hart en van hart naar hoofd. Aangezien ik stel dat het zelf nú al een illusie is en dat je van die waarheid direct al iets kunt opvangen, zou het aanbieden van oefeningen op z’n zachtst gezegd paradoxaal zijn. Ik zou daarmee de schijn wekken dat ik het bestaan van een doener erken. Bovendien zou ik de dwaalgedachte stimuleren dat je nog niet verlicht bent. Dat je eerst van A naar B moet. Maar verlichting is er. Hier en nu. Het ontwaken tot dat besef, overkomt je. Net als al het andere in je leven.”

 

Je zegt dat advaita ook maar een gedachte is. Betekent het dat elke andere gedachte over de waarheid even waar is?

“Of advaita ook maar een gedachte is, zullen we nooit weten. Iets is alleen waar in je eigen hoofd. Voor Paul Smit is het advaita, voor een ander misschien Jezus. Het zijn allemaal maar gedachten. Het fijne van non-dualiteit vind ik juist dat erkend wordt dat alle gedachten in zekere zin niet waar zijn, non-dualiteit incluis. Dat geeft een soort lichtheid: ook hier hoef je je niet op vast te pinnen. Doorredenerend over de zin en de aard van het leven, moeten we uiteindelijk allemaal toegeven dat we het niet weten. Niemand heeft de waarheid in pacht. Het woord advaita verwijst hier ook naar. Het betekent ‘niet-twee’. Waarmee gezegd wordt: wat het leven is, weten we niet. Maar het is in ieder geval niet twee.”

 

Hoe komt het dat advaita in Nederland met name 40-plussers trekt?

“Het is hardop filosoferen, maar ik vermoed dat het te maken heeft met een heel natuurlijke ontwikkeling: als tiener ben je aan het ontdekken wie je bent, als twintiger bouw je je leven op, als dertiger krijg je de eerste tegenslagen te verduren en als veertiger vraag je je af waar het je allemaal om te doen was. Een verlangen naar iets anders ontstaat pas als het ego zich volledig heeft kunnen uitleven in de wereld. Alleen een geheeld ego kan zichzelf laten gaan. Of: de appel valt pas van de boom als ze rijp is. 40-plus is trouwens slechts een gemiddelde. Voor sommigen gebeurt het eerder, zeker in deze tijd van vrije informatievoorziening, voor anderen later of nooit. Neem nu de man die recent een van mijn workshops bezocht. Na afloop vroeg hij om een knuffel. ‘Misschien gebeurt er dan wat’, zo luidde de toelichting op zijn verzoek. De beste man bleek al bijna dertig jaar op zoek naar verlichting. Liep de ene satsang na de andere af, had al talloze goeroes versleten. Natuurlijk veranderde ook onze knuffel niets. Een leraar als Ramesh Balsekar was in zulke gevallen keihard: “Als je het na drie sessies nog niet snapt, donder je maar op. Ga leven!” Zoiets zit niet in mijn karakter. Ik voel alleen maar compassie. Maar ergens had Balsekar wel een punt natuurlijk.”

 

Over compassie gesproken: is advaita nuttig bij het temperen van de wereldwijde polarisatie? Is non-dualiteit überhaupt politiek nuttig?

“Ik zie alleen maar leven in beweging. Hoe verschrikkelijk het zich soms ook beweegt, er is alleen maar dat. Er is niet iemand die ooit iets anders kon doen dan hij of zij deed. Dat maakt dat er per definitie vergeving is. Het gaat zelfs verder, want wie moet je vergeven? Er is niemand! Die jongen die mijn moeder doodreed. Er zit niemand in hem. Jij en ik en dit gesprek? Ze bestaan niet. Het is het leven dat woorden spreekt. Of deze beeldvorming vrede kan bewerkstelligen? Als je gaat inzien dat we allemaal één zijn, dat dualiteit alleen maar leidt tot identificatie, polarisatie en strijd, dan moet dat einde oorlog betekenen. Toch?”

 

Meer over de zakelijke Paul Smit: www.paul-smit.nl; over de advaitische Paul: www.a-dvaita.nl.

 

Door Niels Brummelman

 

 

Print deze pagina

Over de auteur

Bovenstaand artikel is geplaatst door de redactie van Koorddanser. Wil je de auteur van dit artikel een bericht sturen, mail dan naar redactie@kd.nl.

Laat een bericht achter

Je moet ingelogd zijn om een bericht te plaatsen.

Powered by Ambrix